Algemeen is het bekend dat het kaakbot verandert na het trekken van een kies. Na het weghalen van een tand of kies heeft je mond tijd nodig om te genezen. In de eerste dagen merk je vooral pijn en zwelling, maar onder de oppervlakte gebeurt er nog veel meer. Het kaakbot speelt een grote rol bij het herstel, en het is goed om te weten wat er precies gebeurt nadat een kies is getrokken. Door het begrijpen van dit proces kun je beter voor jezelf zorgen en weet je wat belangrijk is voor een gezond gebit in de toekomst.
Wat gebeurt er met het kaakbot na het trekken van een kies
Wanneer een tandarts of kaakchirurg een kies trekt, ontstaat er een wond op de plek waar de tand heeft gezeten. Niet alleen het tandvlees moet genezen, ook het bot waar de kies in zat gaat veranderen. Normaal gesproken zorgt de wortel van een tand of kies ervoor dat het kaakbot stevig en gezond blijft. Na het trekken verdwijnt deze prikkel en gaat het bot langzaam wegzakken. Dit noemen tandartsen vaak botverlies. Dit is heel gewoon en kan al in de eerste maanden na de behandeling beginnen. Het ontstaat, omdat het bot geen taak meer heeft en als het ware wordt ‘opgeruimd’ door het lichaam.
Hoe verloopt het genezingsproces in de kaak
Het herstel van het kaakbot gebeurt meestal in verschillende fasen. In de eerste dagen na het trekken van de kies vormt zich een bloedprop in het ontstane gat. Deze bloedprop beschermt het onderliggende bot en helpt infectie te voorkomen. Na ongeveer een week is deze prop vervangen door zacht bindweefsel. In de weken daarna wordt dat weefsel steviger en verandert het langzaam in bot. Na een paar maanden is het meeste herstel van het kaakbot gebeurd, maar toch kan het bot wat lager blijven dan voorheen. Het vullen van het gat door nieuw bot is een natuurlijk proces, maar vaak blijft er toch een kuiltje of dunner stuk kaak over.
Botverlies voorkomen of beperken na het trekken van een kies
Botverlies is algemeen na het verwijderen van een tand of kies, maar bepaalde dingen kunnen helpen om het botverlies te beperken. Zo kan een tandarts soms een soort kunstbot of lichaamseigen bot in het gat plaatsen om het bot beter op peil te houden. Dit heet een botopbouw of ‘bone graft’ en gebeurt vaak als je later een implantaat wilt laten plaatsen. Ook kan het snel opvullen van het gat, bijvoorbeeld met een implantaat, helpen om het bot te behouden. Hoe sneller je iets laat doen, hoe minder kans dat het bot erg slinkt. Verder is een goede mondhygiëne na de behandeling belangrijk zodat de wond mooi kan genezen en er geen ontsteking ontstaat die het bot verder kan aantasten.
Vervangen van de kies en het belang van goed herstel
Als er na het trekken van een kies te weinig bot overblijft, kan dit problemen geven bij het zetten van een brug of implantaat. Voor een implantaat heb je namelijk stevig kaakbot nodig om het kunstworteltje in te plaatsen. Is het bot te dun, dan moet er misschien eerst extra bot worden ingebracht, wat weer extra tijd en een extra behandeling betekent. Het is daarom verstandig om samen met je tandarts te bespreken of, en wanneer, je de getrokken kies wilt laten vervangen. Denk hierbij aan opties als een implantaat, een brug of soms zelfs een uitneembare prothese. Wacht je te lang, dan is het bot soms zoveel geslonken dat behandelen lastig wordt. Snel en goed herstellen is dus niet alleen prettig, maar ook heel belangrijk voor later.
Praktische tips voor sneller en beter kaakbotherstel
Om het herstel van je kaak na het trekken van een kies zo goed mogelijk te laten verlopen, zijn er een aantal tips die je kunt volgen. Probeer op de dag van het trekken niet te spoelen of te zuigen aan het wondje. Zo kan de bloedprop goed ontstaan. Eet in de eerste dagen vooral zachte dingen en kauw aan de andere kant van je mond. Poets je tanden voorzichtig, vooral rondom de wond, om infectie te voorkomen. Roken zorgt ervoor dat het lichaam minder goed geneest, dus stop hier het liefst een tijdje mee. Ook is het handig om niet te warme dranken te nemen, omdat dit de wond kan irriteren. Merk je veel pijn, zwelling of nare geur uit de wond, neem dan contact op met je tandarts.
De meest gestelde vragen en antwoorden over herstel van kaakbot na trekken van een kies
- Vraag: Hoe lang duurt het voordat mijn kaakbot zich herstelt na het trekken van een kies?
- Vraag: Kan ik voorkomen dat mijn kaakbot slinkt na het trekken van een kies?
- Vraag: Wanneer is het verstandig om een implantaat te laten plaatsen?
- Vraag: Wat zijn de risico’s als het bot na het trekken van een kies niet goed geneest?
- Vraag: Moet ik iets speciaal eten na het trekken van een kies voor het botherstel?
Het herstel van het kaakbot na het trekken van een kies duurt meestal een paar maanden. In de eerste weken groeit er al nieuw weefsel, maar het kaakbot heeft drie tot zes maanden nodig om zoveel mogelijk te herstellen.
Helemaal voorkomen kan meestal niet, maar snel opvullen van de lege plek met bijvoorbeeld een implantaat of botopbouw helpt om het slinken zoveel mogelijk te beperken.
Een implantaat plaats je het best als het kaakbot nog stevig genoeg is. Vaak vindt de tandarts het fijn om een implantaat vrij snel na het trekken van de kies te zetten, zodat het bot nog niet teveel is verdwenen.
Als het bot niet goed geneest of erg slinkt, kan er te weinig stevigheid zijn voor een implantaat. Soms kan er ook een kuiltje blijven zitten dat klachten geeft bij eten of praten.
Zorg dat je genoeg eiwitten, vitamines en mineralen binnenkrijgt. Eet in het begin zachte voeding zodat de wond niet extra belast wordt.